schrikkel weer

Maar één keer in de vier jaar is er een kans om op 29 februari iets op de blog te schrijven, dus die laat ik niet voorbij gaan. Niet omdat ik vandaag veel bijzonders te melden heb, al is het een behoorlijk bizarre dag hier in Tokio. Het is hier namelijk (ver)schrikkelijk weer! Er ligt een groot pak sneeuw en dat terwijl de eerste bloesems er al zouden moeten zijn. Jullie kijken er in Nederland niet van op, maar wij zitten hier bijna twintig breedtegraden zuidelijker… Tokio kent wel de vier jaargetijden, maar vorst of sneeuw komen zelden voor. Het hele openbaar vervoer, eigenlijk het hele openbare leven is meteen een janboel. Schuifelend door de sneeuw kwamen we vanmorgen dan ondanks alle vertraging toch op school aan, waar sneeuwballengevechten in volle gang waren. Julie wist niet wat haar overkwam, want deze Tokyo Girl heeft tijdens haar vijfjarige leventje nog nauwelijks echte sneeuw gezien. Spelen viel niet mee, want in het doorgaans subtropische Tokio, hebben we geen mutsen en wanten, laat staan skipakken in de kast liggen. Dat maakte Thom en Berend niet uit, want die hadden wel blauwe handen over voor een paar voltreffers met het zeldzame witte goud. Nou ja, dat is beter dan de vele blauwe, blote benen die ik onderweg zag van peuters in korte broeken en scholieren in korte uniformrokjes.

Toen ik ondergesneeuwd en rillend – ik heb alleen een gevoerd vest, geen echte winterjas- thuiskwam, zag ik Geert denken: ’de Verschrikkelijke Sneeuwvrouw!’ Nou ja, misschien toch niet zo verschrikkelijk, want hij had een lekkere mok kaneelthee voor me klaarstaan. Deze Schrikkelijke Sneeuwvrouw blijft verder lekker binnen om achterstallige verslagen op de computer af te maken. Dat kan, omdat ik – en dat is al net zo zeldzaam als 29 februari-  vandaag geen afspraken, bijbelstudies of vergaderingen buiten de deur heb! Alleen vanavond een mentoring-sessie met een jong echtpaar. Eigenlijk zou ik liever met een boek onder een fleecedeken op de bank gaan, aangezien de kranten schrijven dat we op deze schrikkeldag toch geen salaris krijgen. Of werkt het zo niet voor het Koninkrijk? Bovendien ben ik verkouden. Vorige week heb ik namelijk iets teveel Japanse huisartskliniekjes urenlang van binnen gezien om een paar buitenlandse collega’s en gemeenteleden en hun zieke kinderen mee te nemen. Ze spreken (nog) geen Japans en ik mocht de symptomen en de diagnose vertalen. Van harte, maar de bacillen waren in de kleine, benauwde en overvolle wachtruimtes niet van de lucht. Nou ja, de prikkende natte neus en ogen die ik er aan over heb gehouden, helpen vast meer weerstand op te bouwen voor de volgende keer. Maar nu eerst gauw de lente graag.

Fleur en Lucile benaderen het bijzondere weer van vandaag iets positiever: ze staan voor het raam en zien de grote sneeuwvlokken langs zweven. Ze weten niet wat het is, maar steken instinctief hun tongetjes uit om het witte spul op te vangen en roepen ‘snoep, snoep!’. Het was wel even schrikkelen toen de tongetjes het koude raam raakten…

Comments are closed.