onderwijsmama

Ze zijn berucht, de Japanse kyouikumama’s of wel de onderwijsmoeders. Al voor geboorte bestoken ze hun foetus met educatieve muziekjes en de baby ziet eerder beelden van de Baby Einstein DVD dan het daglicht. Ik ken ze ook. Zo plast het tweejarige zoontje van mijn vriendin al sinds hij 3 maanden is op de wc, communiceert hij met heuse gebarentaal, speelt melodietjes op zijn speelgoedpiano en leest schijnbaar zonder moeite het Japanse phonetische schrift. Wonderkind? Welnee, een moeder die hem pusht.

Omdat ik in de vakantie onze kinderen in het Nederlands homeschool, heb ik de schijn tegen en denken sommigen dat ik ook een kyouikumama ben. Japanse moeders vragen me regelmatig om pedagogisch advies. Dat geef ik van harte, al waarschuw ik hen wel voor mijn no-nonsense Westerse referentiekader. Zo wil diezelfde moeder haar wonderpeuter nu apart van haar gaan laten slapen omdat zijn broertje over een paar weken het levenslicht (of misschien toch Baby Einstein) hoopt te zien. Daar is niet bijster veel pedagogisch inzicht voor nodig: geef dat jochie een eigen juniorbedje! Leuk zijn kamertje nog wat op met een paar vrolijke kussens, lieve knuffelbeesten en een autokleed en hij is de keizer van zijn eigen domein in plaats van de tiran in papa en mama’s bed. Het advies werd als schokkend ervaren, maar donkere wallen en een ernstig slaaptekort dreef mijn vriendin naar Ikea. Tot bij de kassa mailde ze me met de vraag om instructies. Ah, zo’n consultancy job voelt best goed.

Die opkikker kan mijn moeder-ego best gebruiken, want sinds Julie 3 dagen geleden naar de Japanse kleuterschool is gegaan, heeft mijn kyouikumama-imago een flinke deuk opgelopen. Bij Julie’s juf en de moeders van haar klasgenootjes tenminste. Misschien moet ik eerst uitleggen hoe het er op een Japanse youchien (kleuterschool voor kinderen van 3 tot 6 jaar) aan toe gaat. Het doel is om ganbareru kodomotachi te kweken, kinderen die door kunnen zetten. Dat is letterlijk de mission statement van Julie’s school. Opvoeden doet de juf en de moeders voldoen aan alle voorwaarden die zij stelt. Zo krijg je vooraf een instructieboek met veel handgetekende patronen en aanwijzingen voor het maken van een kliederschort, een stoffen placemat, een aansnoerzakje voor de beker, een tasje voor het lunchpakket, een tas voor de boeken, waar de lusjes van de handdoek moeten en hoeveel milimeter breed het elastiek rond de rijstbak moet zijn. Verder shoppen voor de juiste binnenschoentjes met bijbehorend tasje en natuurlijk niet vergeten het uniform te bestellen.

008Enfin, Julie is het derde Bootje dat naar zo’n Japanse kleuterschool gaat, dus ik ben een doorgewinterde youchienmoeder. Dacht ik. Maar toen ik mijn lieve meisje de eerste middag ophaalde, was het gelijk raak. Hoe kon ik weten dat ik niet tegen haar mag praten als ze in een strakke lijn de school uitmarcheert? (O ja, dan valt ze nog onder het gezag van sensei -juf-) Vandaar dat alle moeders ook in een rechte lijn opgesteld staan. De oorzaak van de zenuwen van de omringende moeders werden me ook gauw duidelijk. Als de juf met haar kleine legertje aantreedt, dan is haar eerste mededeling wie er na moet blijven. Niet van de kinderen, maar van de moeders. Drie keer raden welke naam deze week elke dag afgekondigd werd… Als sensei klaar is met het verslag van de dag, waarvan de hoofdpunten op een white board staan dat ze omhoog houdt, en alle inspanningsverplichtingen aan moeders kant (met je kind oefenen picknickmatjes opvouwen, trainen knopen van het winteruniformjasje dichtdoen, een nat doekje voor de handen in een speciaal bakje, enz.) voor de volgende dag, spoeden de meesten naar huis. Behalve ik.

Tergend lang laat de juf me wachten, want eerst overlegt ze nog even met de directrice die ook bij het appèl aanwezig is. Achter het hek proberen wat nieuwsgierige moeders iets op te vangen. Dat is niet nodig want met hun drukke gebaren en gekakel lijken ze genoeg te hebben aan het speculeren wat deze vreemde eend in de bijt allemaal verkeerd doet. Dat blijkt ‘s morgens bij het uitzwaaien ook wanneer ze ongegeneerd over me praten. De dag dat ze uitvinden dat ik ook Japans spreek, zal dat heel wat schaamrood op de kaken opleveren, ben ik bang… De eerste dag was Julie’s obento (Japans lunchpakket met rijst, vlees of vis, zeewier en groente) niet goed. Maar niet getreurd, ik moet volgende week tijdens de lunchpauze op excursie komen en leren hoe de inhoud van een echte lunchbox eruit ziet. De volgende dag waren Julie’s crocs het probleem. Hoe kon ik haar op zulke dingen laten lopen! Ik sputterde tegen dat het nog steeds 25 graden buiten is, maar de juf legde me het zwijgen op. ik moest maar eens naar de voetjes van Julie’s klasgenootjes kijken, dan kon ik zien welke schoentjes aanvaardbaar zijn.

Je voelt het al aan: niets mag buiten de box zijn. Alles moet in het juiste hokje of vakje. Als de moeders hier niet aan meewerken, hoe kunnen de kinderen dan leren volgzaam te zijn?! Ik zou willen preken over eigen identiteit, stijl, creativiteit en zelfs dat een vierjarige een eigen mening mag hebben. En dat eigenheid niet betekent dat een kind geen autoriteit accepteert. Maar dat heeft geen zin. De juf zou het niet begrijpen, want ze functioneert al vanaf haar eigen kleutertijd in dit systeem. Bovendien zou het Julie’s positie moeilijk maken, want zij zou er in de klas en op de speelplaats de wrange vruchten van plukken. In Japan mag je niet anders zijn. Het is al erg genoeg voor mijn meisje dat haar mama elke dag na moet blijven. Tenslotte zou mijn rebelsheid, mijn gelijk willen hebben, ons niet dichterbij ons doel brengen, namelijk Julie een heerlijke kleutertijd geven. Dagelijks spelen met Japanse vriendjes, terwijl ze op een natuurlijke manier de Japanse taal en allerlei culturele gebruiken leert. Want spelen, dat kunnen ze op youchien! Je zou niet geloven wat je met eetstokjes kan knutselen en met lege melkpakken kan spelen…

Dus pas ik me aan en buig elke dag diep verontschuldigend. Het houdt me niet alleen nederig als gast in dit land. Het levert ook vriendschappen met kyouikumama’s op, die ervan overtuigd zijn dat ik hun advies nodig heb.

One Comment to “onderwijsmama”

  1. Janny Verweij

    Ik denk, dat ik niet ga solliciteren naar een baan in het onderwijs in Japan. Ook al moet ik het hier doen met kinderen met allemaal verschillende broodtrommels: van wit met hagelslag tot bruin met kaas. Eline (en ook Julie) sterkte en wijsheid!
    Groetjes, Janny