boeddha op het dak
We zijn aan het afronden, overdragen, inpakken en schoonmaken: over 2 dagen vertrekken we richting Europa! Ervaring leert ons dat als we hier begin oktober weer terugkomen, we de draad zo snel mogelijk weer op moeten kunnen pakken. Gelukkig hoeven deze keer voor het eerst na het verlof geen huis te zoeken, maar komen we weer thuis op de 51ste verdieping! Voor de kinderen ligt alles al klaar zodat ze de volgende dag gelijk naar school kunnen. Ook voor Julie die dan voor het eerst naar een Japanse kleuterschool gaat. Het kiezen voor een goede school voor haar had heel wat voeten in de aarde.
Thom heeft op een kleinschalige, christelijke yochien (Japanse kleuterschool met drie klassen voor kinderen van 3 tot 6 jaar) gezeten en zijn lieve juf maakte dat tot een onvergetelijke ervaring. Berend kan zijn yochienervaring ook moeilijk vergeten, maar dat komt meer door het bijna militairische regime wat daar heerste. Negen volle klassen, strak in uniform en op sportdag uren in houding staan in de brandende zon. Voordeel is dat hij door de verplichte schoollunches elk extreem Japans eten door zijn keel krijgt.
We gingen voor Julie langs bij een christelijk schooltje in een wijk verderop, maar daar wilden ze ons niet eens binnenlaten. Een nieuwe school die claimde tweetalig te zijn en daarom extreem hoog schoolgeld vroeg, bleek één uurtje in de week Engelse les te bieden. Dan was er nog een zogenaamde ‘missionschool’ verderop aan onze treinlijn. Ds. Fukuda is bevriend met de directeur van de kleuterafdeling en informeerde of er een plekje voor Julie zou zijn. Jawel, ze was van harte welkom als ze eerst een toegangsexamen af zou leggen en we vervolgens 1200 euro schoolgeld per maand betaalden. Navraag leerde dat het de school is waar de keizerlijke familie gebruik van maakt. Julie zou dan bij kroonprins Hisahito in de klas gekomen zijn…
De school naast onze woontorens blijkt behalve een basisschool ook een kleuterafdeling te hebben. Het is een openbare school en onze zorg is dat er veel ‘cultuur-onderwijs’ plaats vindt. Dat betekent dat er allerlei Shinto- en Boeddhistische gebruiken onder het mom van het aanleren van Japanse identiteit onderdeel uitmaken van het lesprogramma. Ongeveer 60% van de leerlingen woont in onze torens en vele moeders verzekerden ons dat er op school absoluut geen aandacht voor religie is. Na lang wikken en wegen meldden we Julie aan en ze werd meteen geaccepteerd. De directrice nodigde ons per telefoon hartelijk uit voor een interview.
Eindelijk, na maanden zoeken, navragen en twijfelen hebben we vrede in ons hart gevonden. Dit lijkt een goed schooltje voor ons kleine meisje. Vanaf ons balkon kunnen we beneden de school zien. Terwijl Geert en ik buiten bespreken hoe wonderlijk het is dat de beste optie pal naast de deur blijkt te zijn, schrikken we ons naar. Op het dak van de school staat opeens een mega-grote Boeddha geschilderd! Hij is wel 15 bij 30 meter groot! Een nachtmerrie lijkt uit te komen. Wat nu?
We besluiten gewoon naar het interview te gaan en de directrice met de vraag naar het waarom van de schildering te confronteren. Ze weet ze niet waar we het overhebben. Hoezo Boeddha, dat zijn gewoon sportplekken op het dak. Ze laat ons een luchtfoto van het scholencomplex zien en zegt dat er van een Boeddha geen sprake is. Wij verzekeren haar dat hij toch echt te zien is. Ze raakt in paniek en belooft ons verhaal te controleren. Een uur later schrobt een schoonmaakploeg het dak schoon.
Samen met Juul heb ik gisteren haar uniformjasje, hoedje, gekleurde pet voor bij het buitenspelen en de kussencapuchon-voor-op-je-hoofd-als-er-een-aardbeving-is opgehaald. We zijn ook een kwartiertje in haar klas geweest, waar de kinderen net hun lunchpakketje op gingen eten. De juf was hartelijk en lief voor Julie. We gaan het als we in oktober terugkomen in Tokio gewoon proberen. Boeddha kan het dak op, wat ons betreft.